A Prayer for Owen Meany

mei 24th, 2009

owenmeanyDe afgelopen week heb ik veel vrije dagen gehad, die ik allemaal voor een groot deel heb besteed aan lezen. Op zich geen wereldschokkend nieuws, maar het is zo lang geleden dat ik daar hele dagen aan kon besteden, dat ik er gewoon blij van word. Tot een paar jaar geleden heb ik altijd veel gelezen. Lezen is zo’n heerlijke manier om de wereld even buiten te sluiten. Vluchtgedrag? Misschien wel, maar op een of andere manier kan ik beter met de echte wereld omgaan als ik af en toe in een fictieve wereld kan vluchten. En verder is het ook gewoon heerlijk als toeschouwer toe te kijken in zo’n wereld. Het is me lange tijd niet gelukt de ‘grote boze wereld’ buiten te sluiten door te lezen. De onrust in mijn hoofd en de druk van buiten was gewoon te groot om buiten te sluiten. Het is wel bijzonder dat het nu wel lukt, omdat voor mijn gevoel de onrust in mijn hoofd nog nooit zo groot is geweest als de afgelopen maand. Het doet me goed het gevoel te hebben weer echt te kunnen lezen! Maar het ligt natuurlijk ook aan het boek.
Een paar maanden geleden zag ik op TV de film ‘The Cider House Rules’ naar een boek van John Irving. Ik heb eerder met veel plezier boeken van Irving gelezen, dus ik bedacht dat het misschien wel leuk zou zijn weer een Irving op te pakken. Misschien wel ‘The Cider House Rules’. Van verschillende kanten kreeg ik echter te horen dat ik niet dat boek moest lezen maar ‘A Prayer for Ownen Meany’. Ik ben nooit te beroerd om een advies van iemand aan te nemen, dus dat heb ik gedaan. In het begin schoot ik echter voor geen meter op. Het boek wilde maar niet vooruit en vaak legde ik het na tien pagina’s al opzij. Een week geleden kreeg het boek me opeens te pakken, en vanaf dat moment kon ik het ook nauwelijks wegleggen.
Irving is een begaafde schrijver die in zijn boeken iedere keer opnieuw opmerkelijke hoofdpersonen in opmerkelijke situaties plaatst, en vooral in een opmerkelijk plot. Er gebeurt heel veel in zijn boeken, maar alles heeft een functie en een plaats, al wordt die vaak pas tegen het einde van het boek duidelijk. Zijn karakters zouden in handen van andere schrijvers karikaturen worden, maar bij Irving leven ze en blijven ze geloofwaardig. In dit boek heeft Irving zichzelf wat dat betreft overtroffen. Ik wil op deze plaats niets concreets vertellen over het boek. Ik wil dat jullie dit boek gaan lezen.
Intussen zit ik even in die typische ‘leegte’ die ontstaat als je een goed boek uit hebt. Ik lees altijd een aantal boeken parrallel aan elkaar, waardoor ik ook nooit echt het gevoel heb uitgelezen te zijn. Een boek als dit vraagt echter om een pauze. ‘The Cider House Rules’ ligt ook nog op mijn plank, maar die moet toch echt even wachten. Eerst even de vorige Irving laten bezinken….

Eliza

mei 16th, 2009

Alan Turing beschreef in 1936 al een test waarmee je kon vaststellen of een computerprogramma over menselijke intelligentie beschikt. De test kwam er (kort door de bocht) op neer dat als een buitenstaander dialogen tussen mensen enerzijds, en computer en mensen onderling anderzijds niet van elkaar kon onderscheiden, dat je dan mocht beweren dat de computer intelligent was. Het meest beroemde programma dat deze test heeft ondergaan is Eliza, in 1966 gemaakt door Joseph Weizenbaum. Eliza praat als een klassieke psychotherapeut, die niet meer doet dan doorvragen over onderwerpen die de ander aandraagt. Grammatica en woordenschat van Eliza waren uiterst beperkt en het programma kon niet verder kijken dan een enkele zin. Ondanks die beperkingen, slaagde het programma bij herhaling voor de Turing test. In de jaren 60 van de vorige eeuw, dat dan weer wel.

Als ik nu naar Eliza kijk zie ik een bijzonder doorzichtig en irritant programma, waar toch eigenlijk niemand in zou kunnen trappen. Zouden mensen tegenwoordig nog net zo gemakkelijk aannemen dat ze met een mens ‘chatten’ als er in werkelijkheid een computerprogramma aan de andere kant zit? Misschien is dat inderdaad nog steeds zo. Het gaat bij het moderne chatten en sms-en vaak meer om de suggestie van het hebben van contact dan dat er daadwerkelijk zinvolle informatie wordt uitgewisseld. En ik verwacht zelfs dat ‘attention span’ van de moderne mens sinds het midden van de vorige eeuw eerder korter is geworden dan langer. Maar ik zou die vraag graag toch een keer uitgezocht zien.

Voor de liefhebbers staat hieronder een versie van Eliza zoals die is gemaakt coor Charles Hayden. Leuk leeswerk vind je verder hier en hier.

Soms heb je van die dagen

mei 16th, 2009

Gisteren had ik een verschrikkelijke rotdag. Niets ging zoals ik wilde, en ik ging dan ook met een bijzonder boosaardige blik naar huis. Van mij zou niemand ook maar iets aardigs hoeven te verwachten! Als ik me rot voel, moet de rest van de wereld dat ook maar voelen! Ik kreeg mijn eerste kans toen een Duits stel me in de metro vroeg waar ze het Anne Frank Huis konden vinden. Ze hadden dat op Amsterdam Centraal ook aan iemand gevraagd en die had gezegd dat je met de Metro overal kon komen. En zo kwamen deze mensen op Metrostation Weesperplein terecht, helemaal aan de andere kant van het centrum. Ik herkende mezelf in het advies dat ze hadden gekregen. En mijn boosaardige brein had al een vernuftig plan bedacht om deze toeristen uiteindelijk helemaal in de Bijlmer uit te laten komen. En vervolgens hoorde ik mezelf uitleggen dat ze het beste weer terug konden gaan naar Centraal om vandaaruit tram 13 of 17 te nemen en dan uit te stappen bij de Westerkerk. Zucht. Wat een gemiste kans.

Later kreeg ik nog een paar kansen om boosaardig te zijn, maar het wilde er maar gewoon niet uitkomen. De cassiere die mij voor een vijfje wisselgeld gaf als had ik haar een briefje van twintig gegeven, kreeg het teveel aan wisselgeld helemaal terug. Ik liep nog achter een meneer aan die twee betaalde flessen wijn bij de kassa had laten staan. IK kocht nog een daklozenkrant. Ik zal me er bij neer moeten leggen. Ik zal nooit verder komen dan boosaardig denken…